Hoe herkenbaar is dit voor jou? Waarschijnlijk van toepassing op alle kinderen.
|
Jij bent echt dom! |
Wanneer krijg ik weer nieuwe schoenen? | Dat lust ik niet (maar vorige week vond hij het zo lekker) | Dat heb ik niet gedaan | Maar ik moet mijn haar nog wassen (als ze na 15 minuten douchen eruit moet komen) |
|
Ik vind jou lief |
Waar is de iPad? | Wat gebeurt er als ik het toch doe? (nadat je iets verboden hebt) | Alle kinderen krijgen meer zakgeld dan ik |
Zich verstoppen als er een vreemd persoon binnenkomt |
|
Koekjes als ontbijt |
Is die dood? (bij een gesprek over een willekeurige persoon) | Kun je even die zak chips komen brengen? | Ik wil dat je met me meeloopt (naar de keuken) |
Neehee! Jij snapt het niet! |
|
Geloof je me niet ofzo? |
Ik heb honger! (maar wil alleen chips) | Ik haat jou! | Ok, dan komt die stomme mevrouw maar op bezoek (nieuwe pleegzorgwer-ker) |
De oppas durft niet meer te komen |
|
Ik ga niet mee |
Ik doe proefjes (met spullen uit de douche) | Grapje! (nadat je hem betrapt op een leugen) | De hagelslag is op (afgelopen week gekocht) |
Ik heb geen wifi! |