Omdat het af en toe leuk is om eens goed te lachen… En misschien ook heel herkenbaar juist voor ouders van getraumatiseerde kinderen, omdat ze nog minder binnen de lijntjes kleuren dan gemiddelde kinderen.
- “Heb je behoefte aan een vouwtutorial? Of kun je het zelf wel?”
“Ik kan het zelf.”
- “Mag ik een koekje / tv kijken / verven / [vul maar in]?”
“Nee.”
“Wat gemeen! Ik ga het toch doen!”
“Waarom vraag je het dan?” - Je kind heeft wat kunstwerkjes gemaakt maar heeft geen zin om ze op te ruimen.
“Alsjeblieft, dit heb ik voor jou gemaakt.” - “Ik wil ook ergens allergisch voor zijn.”
Een week later…
“Ik ben allergisch voor wortelen.”
Dit zegt ze tegen iedereen. - “Pak de mayonaise eens.”
“Pardon? Pak zelf maar.”
“Ik ga echt niet zelf die mayonaise pakken.”
“Dan eet je het maar zonder mayonaise.”
25 minuten later ligt hij nog steeds op de bank. Zucht. - “Zeg je tante eens gedag.”
“Gedag!” - “Ruim je je spullen op de aanrecht even op?”
“ Oh, ligt het er nog?”
Dat is waar ook, ik heb vorige week de kabouters ontslagen. - Ik kom de woonkamer binnen, de tv staat aan.
“Jij mocht toch geen tv kijken?”
“Maar ik heb hem niet aangezet, dat heeft mijn drone gedaan.”
“Ja hoor, geloof je het zelf?”
Ik zet de tv uit, hij neemt de afstandsbediening van zijn drone, en inderdaad, de tv springt meteen weer aan.
Soms zijn ze onschuldiger dan ze lijken. - Thuis: “Nee, ik wil geen knuffel, veel te kinderachtig.”
Tja, ze is al 11, hopelijk komt het nog goed.
De dag erna op school temidden van alle klasgenootjes geeft ze mij als afscheid een enorme knuffel en drie kussen op mijn mond. Gelukkig maar. - “Mag ik even naast je zitten op de bank? Ik wil de was vouwen.”
“Ga jij maar aan de eettafel zitten. Ik ben moe.” - Haalt de wasdroger overhoop.
“Waar is mijn nieuwe broek?”
“Ik weet het niet, heb je hem in de wasmand gedaan?”
“Ja, natuurlijk, duh!”
“Ik heb gisteravond alles gewassen wat erin lag.”
Loopt naar zijn slaapkamer, ziet de broek liggen in een hoekje.
“Door jouw schuld kon ik die niet opruimen! Ik was gister moe en dat kwam omdat ik van jou per sé mee moest naar de kring.” - Zit al een half uur op het toilet.
“Kom je er even af? Ik moet ook even plassen.”
“Ja ik moet ook nodig hoor.”
“Als je heel nodig moest, was je dan niet al lang klaar?”
Vijf minuten later komt hij tevoorschijn, met de iPad in zijn handen. Voor wat me-time kun je ook wel naar je slaapkamer. - In de trein/bus/onderweg naar de supermarkt.
“Mag ik op jouw hotspot?”
Haar eigen bundel is alweer op na drie dagen. - En alles is kapot bij ze.
“Die pizza is kapot lekker.”
“Het feestje was kapot leuk!”
Maar gelukkig ook: “Ik hou kapot veel van jou.”