Tien stellingen over het christelijk geloof – Als christen moet je iedere week naar de kerk

Lijstje 2

Dit is het tweede artikel in de serie Tien stellingen over het christelijk geloof. Iedere derde vrijdag van de maand verschijnt een artikel uit de serie. Vorige maand heb ik de stelling Als er een God was dan zou er geen ellende zijn besproken. Omdat ik denk dat veel mensen niets van het christendom willen weten omdat ze ofwel niet weten wat het precies inhoudt, ofwel omdat ze negatieve ervaringen hebben opgedaan, wil ik aan de hand van de Bijbel uitleggen hoe mooi het geloof kan zijn.

De volgende onderwerpen komen aan bod:
Als er een God was dan zou er geen ellende zijn
Als christen moet je iedere week naar de kerk
– Christenen moeten zich aan allerlei regeltjes houden
– Je komt in de hemel als je een goed mens bent geweest
– Mensen die heel streng in de leer zijn, zijn heel gelovig
– Geloof en wetenschap spreken elkaar tegen
– Alle geloven zijn eigenlijk hetzelfde
– De Bijbel is tegenstrijdig en onbetrouwbaar
– Christenen denken dat ze beter zijn dan anderen
– God bestaat niet

Vandaag komt aan bod de stelling Als christen moet je iedere week naar de kerk. Om maar even met de deur in huis te vallen, niets moet. Hier ga ik uitgebreid op in in het artikel van volgende week, maar dit geldt dus ook voor naar de kerk gaan.

Wat is de kerk
Veel mensen denken bij de kerk aan een kerkgebouw, of aan het instituut kerk, maar dit is niet de kerk in Bijbelse zin. Sterker nog, het woord kerk komt helemaal niet voor in de Bijbel. De Bijbel schrijft ook niet voor dat wij als christenen iedere week op zondagochtend naar een kerkgebouw moeten gaan. Dan zou ik zelf al jaren een probleem hebben, want mijn kerk heeft niet eens een eigen gebouw. Wij huren iedere week een ruimte waar we een kerkdienst houden. De kerk die ik vroeger bezocht had iedere zondag vier diensten en soms ook nog een op zaterdagavond, en had bovendien ook geen eigen gebouw. En zo zijn er meer kerken die op een andere dag dan de zondag een dienst hebben. Het instituut kerk kan voor sommige gelovigen wel belangrijk zijn, dan heb ik het bijvoorbeeld over de Rooms-Katholieke kerk, de PKN, de Koptisch-Orthodoxe kerk, etc. Ik wil hier niets aan afdoen, maar het is wat anders dan de kerk in Bijbelse zin.

Het ontstaan van de kerk
In Handelingen 2:41-47 wordt beschreven hoe de eerste christenen hun geloof vormgaven en met elkaar samenkwamen:

“Degenen die zijn woorden aanvaardden, lieten zich dopen; op die dag breidde het aantal leerlingen zich uit met ongeveer drieduizend. Ze bleven trouw aan het onderricht van de apostelen, vormden met elkaar een gemeenschap, braken het brood en wijdden zich aan het gebed. De vele tekenen en wonderen die de apostelen verrichtten, vervulden iedereen met ontzag. Allen die het geloof hadden aanvaard, bleven bijeen en hadden alles gemeenschappelijk. Ze verkochten al hun bezittingen en verdeelden de opbrengst onder degenen die iets nodig hadden. Elke dag kwamen ze trouw en eensgezind samen in de tempel, braken het brood bij elkaar thuis en gebruikten hun maaltijden in een geest van eenvoud en vol vreugde. Ze loofden God en stonden in de gunst bij het hele volk. De Heer breidde hun aantal dagelijks uit met mensen die gered wilden worden.”

Zoals je ziet vormden de eerste christenen met elkaar een gemeenschap. Ze kwamen samen in de tempel of bij elkaar thuis, waar ze het Avondmaal gebruikten en samen baden. Ze kwamen trouw en eensgezind samen en hielpen elkaar. Waar ze samenkwamen en op welk tijdstip maakte niet uit, als ze maar samen konden zijn en samen Jezus konden aanbidden. De tempel was al eeuwenlang een plaats waar gelovigen samenkwamen, lang voordat Jezus werd geboren, stierf en weer opstond uit de dood. Het is logisch dat ook de eerste christenen in dit gebouw samenkwamen, omdat de daar andere gelovigen zouden ontmoeten. Maar hun aantal groeide sterk en ze konden niet allemaal samen in de tempel het Avondmaal gebruiken. Daarom stelden sommige christenen hun huis open voor de anderen zodat ze ook daar samen konden zijn. In landen waar christenen worden vervolgd, zoals bijvoorbeeld Iran of China, is het heel gebruikelijk om in huiskerken samen te komen, omdat ze hier veilig hopen te zijn en onder de radar hun geloof kunnen beleven. Maar ook in Nederland gaan veel christenen behalve naar de kerk ook naar huiskringen of connect groups om samen te zijn. Tegenwoordig kun je zelfs online andere gelovigen ontmoeten en voor elkaar bidden. Jezus zegt hierover: “Want waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, ben ik in hun midden.” (Mattheüs 18:20). Belangrijk in de gemeenschap is, naast het samenkomen en het Avondmaal, ook de lofprijzing en het zorgen voor de behoeftigen[1].

Het instituut kerk
De kerk als instituut is ontstaan in de loop der jaren. In het begin was er nog niets georganiseerd en was de Bijbel ook nog niet te lezen in de vorm zoals wij deze nu kennen. We hadden nog geen onderscheid tussen het oude en nieuwe testament, althans niet in die bewoordingen, en de term deuterocanonieke boeken werd ook nog niet gebruikt. Maar er was wel behoefte aan eenvormigheid. Tijdens de grote oecumenische concilies werden belangrijke besluiten genomen over de christelijke leer en welke boeken zoal tot de Bijbel moesten behoren. De term katholiek komt uit het Grieks en betekent algemeen. Hieruit is bijvoorbeeld het Rooms-Katholicisme ontstaan maar ook andere stromingen zoals de Koptisch-Katholieke en Maronitische stromingen. Er hebben zich in de loop der jaren verschillende scheuringen voorgedaan, zoals het Oosters Schisma in 1054, hetgeen een scheuring tussen de Oosters-Orthodoxe kerk en de Rooms-Katholieke kerk inhield, en het Westers Schisma tussen 1378 en 1417, waarbij de pausen elkaar tegenwerkten. In het westen gold de Rooms-Katholieke kerk lang als de algemene kerk. Het protestantisme begon in de 14e en 15e eeuw met belangrijke reformatoren als John Wycliffe, Jan Hus en Maarten Luther. Zij verzetten zich tegen de macht en rijkdom van de kerk en de Paus. Zij vonden dat het gezag enkel moest komen van de Bijbel en vereerden alleen God, waar binnen de katholieke kerk bijvoorbeeld ook Maria- en heiligenverering plaats vindt.

Er is dus veel te kiezen, maar in de kern staat het je dus vrij om zelf te kiezen en je geen keuze op te laten leggen. Uiteindelijk gaat het om je relatie met God. Hoe je deze vormgeeft kan niemand je opleggen.

Waarom we naar de kerk gaan
Naar de kerk gaan doe je dus niet voor God. Hij verplicht je tot niets en ook is het niet zo dat je alleen in de kerk God kunt ontmoeten. God kun je overal ontmoeten. Maar in de kerk ontmoet je wel medechristenen die je tot steun kunnen zijn. In de kerk aanbid je God met zijn allen en neem je gezamenlijk deel aan het avondmaal, hetgeen een gevoel van saamhorigheid kan geven. Je krijgt er onderwijs zodat je geestelijk kunt groeien. Je behoort er tot een gemeenschap. Zo is er een verhaal van een man die al tijden niet meer naar de kerk was geweest. Hij kreeg bezoek van zijn predikant, die hem gemist had. Ze zaten voor de open haard. De predikant pakte een gloeiend kooltje uit het vuur en legde dit apart. Na een tijdje verdween het licht en de warmte uit het kooltje dat koud en donker werd. De volgende zondag was de man weer in de kerk te vinden[2]. Naar de kerk gaan doe je dus niet omdat het moet van God en niet omdat je anders een slechte christen bent. Je doet het vooral voor jezelf, en voor anderen, om elkaar brandend te houden.

Bronvermelding

[1] Studiebijbel Online, te raadplegen via http://www.studiebijbel.nl
[2] http://www.zingenindezomer.nl/site/index.php/krusipunt/961-het-verhaal-van-het-kooltje

Plaats een reactie