
Dit is het derde artikel in de serie Tien stellingen over het christelijk geloof. Iedere derde vrijdag van de maand verschijnt een artikel uit de serie. Vorige maand heb ik de stelling Als christen moet je iedere week naar de kerk besproken. Omdat ik denk dat veel mensen niets van het christendom willen weten omdat ze ofwel niet weten wat het precies inhoudt, ofwel omdat ze negatieve ervaringen hebben opgedaan, wil ik aan de hand van de Bijbel uitleggen hoe mooi het geloof kan zijn.
De volgende onderwerpen komen aan bod:
– Als er een God was dan zou er geen ellende zijn
– Als christen moet je iedere week naar de kerk
– Christenen moeten zich aan allerlei regeltjes houden
– Je komt in de hemel als je een goed mens bent geweest
– Mensen die heel streng in de leer zijn, zijn heel gelovig
– Geloof en wetenschap spreken elkaar tegen
– Alle geloven zijn eigenlijk hetzelfde
– De Bijbel is tegenstrijdig en onbetrouwbaar
– Christenen denken dat ze beter zijn dan anderen
– God bestaat niet
Vandaag komt aan bod de stelling Christenen moeten zich aan allerlei regeltjes houden. Het is een stelling die ook wel een klein beetje verband houdt met de wijze waarop ik vroeger ben opgevoed. Ik ben opgegroeid in Limburg, waar iedereen rooms-katholiek in naam is en ik dacht dat je in de hemel kwam als je een goed mens was geweest. En om een goed mens te zijn hou je je keurig aan alle ge- en verboden en dan komt het allemaal wel goed met je.
Maar dit staat lijnrecht tegenover wat het Nieuwe Testament ons leert. Want het is bij het oude verbond waarbij het joodse volk de wet heeft gekregen waar het zich aan moet houden om het in orde te maken met God. Maar het volk kon dit niet, zelfs al probeerden ze het. De wet was er immers om ons bewust te maken van onze zonde (Galaten 3:19) en niet om zelf onze eigen redding te bewerkstelligen. Daarom stuurde God Jezus Christus naar de aarde. Door Zijn offer en ons geloof in Hem zullen wij het eeuwig leven hebben, onze daden kunnen daar niets aan veranderen (2 Timotheüs 1:9-10).
Nu krijg ik in gesprekken met niet-gelovigen inderdaad geregeld van alles voor de voeten geworpen, zoals: je mag dan geen seks meer voor het huwelijk en je mag geen homo zijn, en op zondag mag je niet meer gaan winkelen, en je moet naar de kerk en als vrouw heb je niets meer te zeggen, en nog meer van dat soort hete hangijzers waarover ik geacht wordt een mening te hebben. Gelukkig ligt het allemaal veel genuanceerder en zijn sommige uitspraken zelfs ronduit onwaar.
Want natuurlijk wordt er in de Bijbel regelmatig verwezen naar wat je wel en en niet moet doen, maar je redding hangt er niet van af en dat is maar goed ook. Wij kunnen dit immers niet, net zoals het joodse volk zich ook niet aan de wet kon houden. We zullen leven door geloof, en niet door het doen. Bij het houden van de wet is het geen kwestie van geloven, maar van doen. Jezus heeft ons van deze vloek bevrijd (Galaten 3:11-14). We zijn zwak maar moeten groeien in het geloof, en hierdoor lukt het je steeds beter om God te gehoorzamen. En je gehoorzaamt God omdat je van Hem houdt, en niet omdat het moet. God heeft ons een heleboel leefregels gegeven omdat Hij weet wat goed en slecht voor ons is. Naarmate je band met God groeit zul je Hem hier steeds meer op leren vertrouwen, ook als je niet begrijpt waarom iets wel of niet goed voor je is. Jezus zegt dat het grootste gebod is: “Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand”. En het tweede gebod is daaraan gelijk: “heb uw naaste lief als uzelf.” Deze twee geboden vatten alles samen wat in de Wet en de Profeten staat. (Mattheüs 33:37-40). Je doet of laat dus al deze dingen omdat het goed is voor jezelf, je naasten, voor God en uiteindelijk voor de gehele schepping als je je houdt aan Zijn geboden.
De ge- en verboden van God zijn grenzen, net zoals wij grenzen stellen aan het gedrag van onze kinderen, zodat zij zich als alles goed gaat kunnen redden in de wereld als ze volwassen zijn. En waarom zouden je kinderen je gehoorzamen? Niet omdat ze straf krijgen als ze het niet doen of ze er een beloning voor krijgen als ze het wel doen. Sommige ouders proberen dit wel, maar het werkt uiteindelijk niet echt. Nee, ze gehoorzamen jou omdat ze van je houden en omdat ze je vertrouwen. Je hebt geïnvesteerd in een relatie met ze, en daarom respecteren ze je grenzen. En ook omdat ze uiteindelijk ervaren wat er gebeurt als ze over je grenzen heen gaan. Precies zo is het met God. Wij gehoorzamen Hem niet omdat we in de hemel komen als we het wel, of in de hel komen als we het niet doen, want dan doen we het immers weer op eigen kracht. Nee, wij gehoorzamen Hem omdat we van Hem houden en Hem vertrouwen (faith).